De Hoop op Behoud

De Hoop op Behoud is een typische Zeeuwse klipper met de daarbij behorende kenmerken: de sterk geveegde kont met het rechte hek en de fraaie scherpe kop. Het schip is 23,85 meter lang en 4,85 meter breed. De restauratie bevindt zich in een vergevorderd stadium. Zo is de in 1930 geplaatste stuurhut weer verwijderd en is de mast teruggeplaatst. Het schip is weer volledig onder zeil. Het tuig bestaat uit grootzeil, fok en kluiver.

Aan boord zijn nog veel originele details te vinden. Zo is de roef nog origineel geklonken en zit ook het oude potdeksel nog op het boeisel. Ook liggen op het schip nog de oude dekplaten met ruitmotief. Zij zijn waar veel gelopen wordt weliswaar mooi afgesleten, maar nog in goede staat.

Op het achterdek staat aan bakboord een originele zwaardlier. De stuurboord lier is een replica van de bakboord lier. Het stuurwerk is een Engels werk met het voor klippers zo karakteristieke doorgestoken roer.

Op de plek waar nu het voorste luikhoofd zit met het herft heeft na de industriële revolutie hoogst waarschijnlijk een laadmast gestaan. Dit is zichtbaar als de luiken worden weggenomen. Er komt dan een tweede mastdek tevoorschijn wat duidt op een plaats waar een laadtuig heeft gestaan met een lier. Ook dit is weer teruggebracht naar de oude situatie van toen het schip als zeilschip gebouwd werd.

Het schip maakt een authentieke indruk, temeer omdat het nog onder de luiken is. Het laadruim achter de mast is bedekt met een dekkleed.

De roef is een verzonken roef waarmee als de mast gestreken is, een lage kruiphoogte wordt verkregen zodat het schip makkelijk onder de bruggen door kon en kan. Daaruit kun je opmaken dat het schip regelmatig op de rivieren te vinden was. De tuigage is zoveel mogelijk authentiek terugge bracht; laaggetuigd met een strijkbare mast.